GILLEBRIDE MACMILLAN - SEIMH

Artiest info
Website - bandcamp
facebook
label: Birnam Music
distr.: Xango

Het zou een flink understatement zijn, als ik zou beweren dat ik weinig weet over deze Schotse folkzanger: ik weet er namelijk zo goed als niets over, maar nu ik zijn jongste en vierde plaat in de loop van de voorbije weken een nauwelijks te tellen aantal keren gedraaid en beluisterd heb, weet ik wel dat we hier te maken hebben met een loepzuivere traditionalist. Waarmee ik bedoel dat hij, geheel zoals het hoort, in het Gaelic zingt en dop die manier dus ingaat tegen een politiek die er al generaties lang tevergeefs op gericht is die taal uit te roeien. MacMillan behoort tot het kamp dat met gaandeweg meer succes, de taal in leven te houden.

Net zo goed is zijn manier van zingen heel traditioneel: Schotten kunnen zingen, want dat is een van de dingen waar ze mee opgroeien en waarvoor ik hen flink benijd. Daarenboven beschikken ze over een haast onuitputtelijk arsenaal aan liederen, die van de ene generatie naar de volgende doorgegeven worden en waarin hele lappen van de geschiedenis van land en volk in leven gehouden worden, zoals bij voorbeeld de bomaanslag in Manchester, bij een concert van Ariana Grande. Daar werden toen 22 mensen door een fanatieke terrorist vermoord en een van de slachtoffers was Eilidh MacLeod, aan die “Chi mi thu” opgedragen is. “An Tobar” is dan weer gebaseerd op een dag rondstruinen op de website van Tobar an Dualchais, een stichting die alles verzamelt, dat met de Gaelic cultuur te maken heeft.

Nog een reden om redelijk verliefd te worden op Schotland, is de machtige natuur waarin het land baadt. Toegegeven, je moet tegen wat regen en wat mist kunnen, maar het groen dat je er voor in ruil krijgt, is, samen met de weidsheid en de rust van de landschappen van een zelden geziene pracht. Ik mag hierbij verwijzen naar een lied als “Meadhan - oidhche”, waarin een zomeravond op de Hebriden bezongen wordt. De tien liederen van deze plaat zijn allemaal eigen composities van MacMillan, die hiermee aantoont dat Gaelic een echt levende taal is -waar ik overigens geen jota van begrijp, behalve dat ze uitermate geschikt is voor poëzie in al dan niet gezongen vorm.

MacMillan beperkt zich overigens niet tot puur Schotse onderwerpen of thema’s: het is de mens in zijn streven naar een gelukkig leven en dus een meer rechtvaardige wereld, die het voorwerp zijn van wat hij bezingt: zo gaar opener “Tog Suas” over de vrouwen in Nicaragua: toen ze na de eerste Sandinistische revolutie uitgesloten werden van de macht, die helemaal bij de mannen bleef, ontketende ze een tweede revolutie om zo wél de plaats te krijgen die ze verdienden. In “”Cum a’ dol” gaat het over mentale kwesties en het belang van volhouden om die te boven te komen. Ook aan de recente Covid-pandemie wordt een song gewijd: in afsluiter Thig an t-àm” bezingt MacMillan de kansen, die zo’n epidemie biedt: je kunt door zo’n ingrijpende pandemie ook eren opnieuw te genieten van de simpele, gewone dingen…

Dat alles ingekapseld in erg rustige arrangementen -de plaattitel betekent “de toestand van rust’- levert een plaat op, die uitermate geschikt is voor vroege ochtenden of schemeravonden en die vooral bijzonder veel pure schoonheid bevat.

(Dani Heyvaert)